018_Knielen in Maastricht_Genieten in Maastricht...  © Gabrielle Christenhusz

© Gabrielle Christenhusz

In dit cursiefje houdt onze parochieassistent een warm pleidooi voor een geloofsgemeenschap waarin respect leeft voor ieders geloofsbeleving.

Kent u Maastricht? Een aller charmantst stadje in het zuiden van Nederlands Limburg, niet ver van de grens met België. Tijdens één van onze maandelijkse uitstapjes ontdekten Gabrielle en ik dit gezellige plaatsje met ongeveer 126.000 inwoners. We aten er lekker, kuierden rond in de sfeervolle straatjes, genoten van een prachtig stadsgezicht van op één van de bruggen over de Maas, liepen door een park met oude stadsomwallingen, maakten een boottocht en lieten ons verrassen door een leuke brassband die vrolijke deuntjes bracht voor ieder die het horen wilde. Na gesmuld te hebben van een heerlijke Limburgse vlaai trokken we naar de Onze Lieve Vrouw basiliek, één van de twee basilieken in de Zuid-Nederlandse stad. De wat donkere, maar erg sfeervolle kerk verwelkomde ons. Toen bleek dat er een Eucharistieviering aan de gang was, zetten we ons stilletjes neer op één van de banken achteraan in de kerk. We merkten heel wat jongeren en jongvolwassenen op en begrepen al snel dat de Engelstalige viering in het bijzonder gericht was tot de internationale studenten die de universiteit van Maastricht rijk is. Wat mij opviel was de vrome manier waarop veel studenten deelnamen aan de liturgie: zij knielden regelmatig, gingen met veel eerbied te communie en bleven op het einde van de viering rustig staan terwijl een lied gebaseerd op een tekst van Theresia van Lisieux weerklonk. Voor de studenten leek dit allemaal de normaalste zaak van de wereld. Ik bracht oprecht bewondering op voor de devote manier waarop zij spontaan hun geloof beleefden.

Opeens dacht ik terug aan het moment waarop we in onze eigen parochie op donderdagavond een vesperdienst met aanbidding van het Allerheiligste Sacrament opstartten. Ook daar kwamen wel wat jongeren op af. Maar sommige parochianen bekeken dit nieuwe initiatief wat meewarig. Achter de rug werden mensen die naar de aanbidding kwamen wel eens ‘pilarenbijters’ genoemd. Dat gebeurde ook met kerkgangers die tijdens de Eucharistieviering op zondag op bepaalde momenten knielden.

Het heeft me altijd wat triest gestemd. Waarom moeten mensen die hun geloof op een discrete, maar vrome manier beleven door sommige medegelovigen als een ‘aparte categorie’ beschouwd worden?

Vaak schuilt achter zo’n kijk een verkeerd beeld op de intentie van vrome mensen. Dat iemand knielt of buigt vlak voor hij of zij de communie ontvangt, betekent niet automatisch dat die persoon zich ‘beter’ voelt dan andere gelovigen. Als dat wel zo zou zijn, zou dat uiteraard verkeerd zijn. Maar waarom gaat men er meteen van uit dat vrome mensen zich ‘beter’ wanen? Of waarom bestempelt men hen soms gemakkelijk als conservatief? Overigens: wat is ‘conservatief’? Is iemand die nog steeds vasthoudt aan een catechesemethode uit de jaren zestig van vorige eeuw niet behoudsgezinder dan een pastoraal verantwoordelijke die de ‘tekenen des tijds’ ziet, daarbij opmerkt dat veel jongeren vandaag op zoek zijn naar echte geloofsverdieping, en op een nieuwe maar authentieke manier biechtgelegenheid voorziet op een moment dat jongeren geen andere gelegenheid meer vinden om te ervaren hoe bevrijdend het kan zijn wanneer Iemand je vergeeft? Voor mij is ‘conservatief’ geen vakje, maar verwijst het naar een verlangen om uit het verleden te bewaren wat goed is.

Een mooi voorbeeld van een oprecht geloof dat achter een vrome geloofsbeleving schuilt vond ik terug bij Jonathan Roumie, de man die Jezus speelt in de tv-serie ‘The Chosen’. De opnames over de Goede Week en het Passieverhaal confronteerden de acteur zo intens met het haast ondraaglijke lijden van Jezus tussen Zijn gevangenneming en Zijn dood aan het kruis, dat hij voortaan gewoon niet anders kon dan uit eerbied te knielen voor hij de communie ontving. Zijn respect voor wat Christus heeft doorgemaakt uit liefde voor Zijn Vader en voor ons uitte zich spontaan in deze manier van doen.

Ik droom van een geloofsgemeenschap waarin iedereen op een authentieke manier zijn of haar geloof kan beleven zonder in een hokje geplaatst te worden. Kenmerkend aan de katholieke kerk zou haar ‘eenheid in verscheidenheid’ moeten zijn. Met andere woorden: of je nu in de ogen van anderen als progressief of conservatief wordt gezien, je dient je welkom te weten in de kerkgemeenschap – wat uiteraard inhoudt dat ook jij de anderen aanvaardt. Wat ons met elkaar verbindt is niet de wijze waarop we ons geloof beleven, maar ons geloof zelf: het geloof in een liefdevolle God die voor ons

Vader, Zoon en Geest wil zijn. Iedereen die dit geloof deelt, ernaar op zoek is of ermee worstelt, is welkom. Deze boodschap in woord en daad omzetten en tegelijk God laten oplichten, is onze zending.

 

Wim Corbeel (Reacties op dit cursiefje zijn welkom op wim@elisabethparochie.be)

Zoeken

Dekenaal nieuws