Twijfel een deugd_Twijfelen, het gebeurt 1 © Sander Sammy via unsplash

© Sander Sammy via unsplash

Geloof is een geschenk van God, dat we met vallen en opstaan een plaats geven in ons leven. Soms kan daarbij ook twijfel bestaan. Maar laten we Gods geschenk waarderen en twijfel niet tot een deugd verheffen, aldus Wim Corbeel in dit cursiefje.

Ik lees en hoor het de afgelopen decennia wel eens vaker in de kerk: het is goed om af en toe te twijfelen aan je geloof. Of dat op zijn minst toch éénmaal in het verleden gedaan te hebben.

Nu ben ik de eerste om toe te geven dat ook ik op een bepaald moment – misschien wel meerdere momenten, ik herinner het me niet precies – getwijfeld heb aan het bestaan van God. Ik voel me daar niet schuldig over: twijfelen is geen zonde in mijn ogen, het is integendeel heel menselijk.

Toch schuilt er misschien wel een risico in het verheffen van twijfel tot een ‘deugd’: alsof je ooit eens moét getwijfeld hebben, anders lijkt het niet gezond. Dat nooit twijfelen ongezond is, klopt wellicht als je nooit stilstaat bij wat je gelooft, als geloof een dogma blijft – een soort blindelings aangenomen waarheid of theorie die je eigenlijk niet raakt. En het klopt al zeker als je van daaruit mensen die worstelen met hun geloof meteen gaat beoordelen. Ieders geloof draagt in zich het verlangen om een ‘levend’ geloof te worden: een échte relatie met de levende God, die jou als unieke persoon ziet en bemint en die met jou, net als met iedereen, een unieke relatie wil hebben. Hopelijk heeft die relatie dan ook invloed op jouw alledaagse leven en de manier waarop je met andere mensen omgaat doordat je ook hen als Gods kinderen ziet. Verder kan het zeker geen kwaad om je te verdiepen in jouw geloof door studie, gebed, reflectie en/of meditatie. Overigens: veel heiligen hebben ook wel eens getwijfeld. Voor sommigen onder hen is dat zelfs nog heel zwak uitgedrukt: hun levenswandel was, zeker voor hun bekering, niet altijd om vanuit christelijk oogpunt ‘over naar huis te schrijven’. Dat geldt trouwens wel eens voor ons allemaal – en al zeker voor mij.

Dat is echter nog iets anders dan twijfel tot een soort norm te maken: ‘als je nooit hebt getwijfeld, is er iets mis met je’. Op een paar uitzonderingen na, door de kerk erkend, heeft elke mens wel eens iets mispeuterd, dat is waar. Maar eigenlijk gaat het daar niet om. We hebben het hier over geloofstwijfel, met andere woorden over twijfelen aan Gods bestaan en/of Wie Hij is. Uiteraard mag dat; het behoort tot de ‘vrijheid van de kinderen Gods’. Maar het omgekeerde beweren of op zijn minst suggereren – er is iets mis met mensen die nooit aan Zijn bestaan hebben getwijfeld – is een stap te ver, vind ik. Van sommige heiligen en mystiekers kan ik me best wel voorstellen dat ze nooit twijfelden aan God. Ik ken trouwens zelf mensen die zich met de beste wil van de wereld niet kunnen herinneren wanneer ze ooit Gods liefde in twijfel trokken. Die mensen vinden zichzelf niet beter dan anderen, integendeel, zij zijn zich vanuit hun geloof vaak bewust van hun eigen kwetsbaarheid en hun kleine kantjes. Ze beseffen dat hun geloof een genade, een cadeau van God is; tegelijk erkennen ze dat ze met dat cadeau niet altijd goed weten om te gaan. Maar geloof is en blijft een genade van God. Als Hij sommige mensen zegent met een geloof zonder twijfel, dan moeten we ons daar niet bedreigd door voelen. Integendeel, laten we blij zijn voor hen, en zelf oprecht trachten te blijven groeien in ons geloof zonder er een wedstrijd van te maken.

God schenkt ons veel, dat ervaar ik vaak. Geloof is één van Zijn meest kostbare geschenken. Als dat geloof oprechter wordt doorheen twijfel, is dat een goede zaak. Maar twijfelen is geen ‘must’. Ik schreef reeds dat ik ooit zelf aan mijn geloof en aan God getwijfeld heb. Ik heb daar geen scrupules over, maar ik loop er ook niet mee te koop. Wat ik wel weet, is dat mijn leven in tijden van – soms aarzelend, soms enthousiast – geloof het meest kleur en intensiteit kent en gekend heeft. Daar ben ik blij en dankbaar om. Vanuit dat geloof wil ik met mensen op weg gaan. Om hen in hun twijfels – die ik in de toekomst wie weet zelf ooit terug zal hebben – te beluisteren, maar ook om hen, in woord en zeker ook in daad, te laten zien wie God voor mij is: een God die hoop, vreugde en verlossing brengt. Dat is een roeping die alle christenen delen: getuigen van een heilzaam leven, een leven waarin iedereen Gods heil kan ervaren.

Wim Corbeel (Reacties op dit cursiefje zijn welkom op wim@elisabethparochie.be)

Zoeken

Dekenaal nieuws